Een onvoldoende of slecht signaal wordt hoofdzakelijk door vier factoren veroorzaakt.
Problemen met betrekking tot afstand
U dient er rekening mee te houden dat draadloze apparatuur beperkingen heeft met betrekking tot het bereik. Voor apparatuur die op 2.4 GHz functioneert, kan het bereik een afstand hebben van 3 tot 4,5 m. Als uw draadloze netwerk zich buiten dit bereik bevindt, plaatst u de WRT610N-EU 300N op een andere plaats. Een belangrijke zaak om te onthouden is dat de afstand direct proportioneel is aan de signaalsterkte. Hoe verder u van het Toegangspunt verwijderd bent, hoe zwakker het signaal is. Voor het controleren of u een stabiele verbinding krijgt, voert u een voortdurende ping uit. Als u de meeste tijd antwoorden krijgt, betekent dit dat de verbinding stabiel is. Als het de meeste tijd geen antwoorden geeft, dan is de verbinding niet stabiel.Fysieke Obstructies
Draadloze netwerken kunnen ook obstructies hebben die tot onvoldoende signaal kunnen leiden met als gevolg dat vaak het signaal wordt gereflecteerd, gebroken of geabsorbeerd.
Als een van deze voorwerpen zich tussen uw draadloze adapter en toegangspunt bevindt, denk er dan aan om uw toegangspunt op een hoge plek elders te plaatsen, zodat de obstructie wordt vermeden.
Draadloze Interferenties
Interferentie kan worden veroorzaakt door draadloze netwerken van buren of apparatuur die op dezelfde frequentie als u draadloze apparatuur werkt (bijv. 2,4 GHz), en hierdoor kan uw draadloze verbinding en signaal worden aangetast.
Algemene interferentiebronnen zijn:Om dit probleem op te lossen, verandert u het kanaal en SSID bij uw Toegangspunt. De beste kanalen om te gebruiken zijn 1, 6 en 11 omdat deze kanalen elkaar niet overlappen.
Onze klantenservice staat voor je klaar. Op werkdagen heb je binnen vier uur antwoord op je e-mail en tijdens kantooruren zijn wij ook telefonisch bereikbaar.
Vandaag 25 mei
open tot 22.30 uur